ALFytal modulesuppletie: een uniek concept in voedingssuppletie


Vele gesprekken met behandelaars hebben de basis gevormd voor dit unieke suppletieconcept.


Splitsen van vitamines en mineralen

Multivitamines bevatten vrijwel altijd mineralen. De hoeveelheid daarvan is meestal niet noemenswaardig. Het kan ook niet veel zijn, daar mineralen veel volume innemen. Er moeten dus vrijwel altijd extra mineralen worden toegediend wil men er enig effect van hebben.

Sommige mineralen in multivitamines kunnen zelfs ongewenst zijn. Er zijn mensen die geen koper, jodium of ijzer mogen of willen gebruiken. Vaak is het moeilijk een product te vinden dat vrij is van deze mineralen.  

De hoeveelheid mineralen in multivitamineproducten is dus erg beperkt. Ze leveren zelden een substantiële bijdrage aan de mineralenbehoefte.

Een multivitamine is in eerste instantie een vitamineproduct en geen mineralensupplement.


Mineralen nemen veel ruimte in

Mineralen worden meestal als elementaire hoeveelheid in de samenstelling vermeld.

Maar mineralen zijn in het product altijd aanwezig als verbinding – b.v. aan een aminozuur gebonden of als z.g. mineraalzout (b.v. calciumcarbonaat, magnesiumcitraat, zinkgluconaat).

Een capsule of tablet heeft een beperkt volume en kan dus maar een beperkte hoeveelheid ingrediënten bevatten (zeker als deze slikbaar moet blijven).


Hoeveel ruimte neemt een mineraalverbinding eigenlijk in?


Voor 100 mg calcium is 250 mg calciumcarbonaat nodig (factor 2,5)

Voor 100 mg calcium is 410 mg calciumcitraat nodig (factor 4,1)

Voor 100 mg magnesium is 1111 mg magnesiumaspartaat nodig (factor 11,11)

Voor 100 mg magnesium is 166 mg magnesiumoxide nodig (factor 1,66)

Voor 100 mg magnesium is 1855 mg magnesium(tri)citraat nodig (factor 18,5)


Dit zijn een aantal voorbeelden hoeveel er van een verbinding nodig is in relatie tot de  elementaire hoeveel-heid. Een gewone nog redelijk slikbare capsule maat 00 kan maximaal ca. 900 mg bevatten. Een tablet van dezelfde grootte kan iets meer bevatten vanwege de compressie. Bij het uiteenvallen, oplossen en opnemen zal een tablet vrijwel altijd zijn meerdere moeten erkennen in de capsule. De grootste tabletten kunnen (bij sterke compressie) een kleine 2 gram bevatten. Ze zijn dan zo hard, dat het uiteenvallen en het oplossen van de stoffen (zeker bij een maagzuurtekort) problematisch kan zijn. Mineralen lossen gewoonlijk op in een zuur milieu (denk aan het ontkalken van apparaten met b.v. azijn of citroenzuur). Bovendien zijn er erg veel mensen die maagzuurremmende of –bindende geneesmiddelen gebruiken.

Voor de Alfytal-producten is gekozen voor capsules i.p.v. tabletten. Capsules los-sen zonder problemen op en kunnen waar nodig ook worden opengemaakt om het inhoud als zodanig in te nemen (b.v. met appelmoes). Alle gewone capsules zijn bovendien vegetarisch. Softgels zijn dat niet.

Dus uiteindelijk een betere effectiviteit met minder mineralen. Er is bewust gekozen voor verbindingen die relatief veel elementair mineraal bevatten. Ook al zou de opname daarvan wat minder zijn (zoals wel wordt beweerd), dan zorgt het de grotere hoeveelheid mineraal toch voor een goed resultaat.


Organische verbindingen

Er wordt veel gezegd en geschreven over z.g. “organische verbindingen”. Organisch wordt meestal geasso-cieerd met natuurlijk, maar dat is niet juist. De natuur levert een gigantische hoeveelheid anorganische verbindingen. De meest aansprekende zijn wel de boteigen calciumverbinding hydroxyapatiet en keukenzout (natriumchloride). Met het laatste wordt direct gelogenstraft, dat anorganische verbindingen niet opneem-baar zouden zijn. Keukenzout is, zoals bekend, heel goed opneembaar.

Onder organisch wordt verstaan dat een verbinding koolstof (C) bevat. Organische chemie wordt ook wel koolstofchemie genoemd. Alle aminozuren, vetzuren en koolhydraten vallen daar b.v. onder, maar ook aard-olieproducten en de daarvan afgeleide kunststoffen. Ironisch genoeg worden carbonaten (die dus wel C be-vatten) niet tot de organische verbindingen gerekend. Aminozuurgebonden mineralen dus wel.

Citraten, ascorbaten, gluconaten, lactaten, e.d. kunnen dus niet als organisch worden gekarakteriseerd.


Modulesuppletie voor maatwerk

Door het combineren van modules kan er beter maatwerk worden geleverd. Overlappingen zullen er nauwe-lijks zijn bij combinatie van modules 1 en 2. Hierdoor is het risico van overdosering sterk gereduceerd (m.n. vitaminene A dient binnen de perken te blijven).

Module 3 betreft enkelvoudige stoffen om, waar nodig, extra aanvulling te kunnen geven.

Module 4 betreft de functionele specialités, zoals systeem- of orgaangerichte combinaties.



Voor behandelaars is een testset beschikbaar.


Alf Knutzen, orthomolecualir voedingsdeskundige

General manager OrthoBasics / Alfytal, Midwoud, januari 2011

Hippocrates:  “Uw voeding is uw geneesmiddel,  uw geneesmiddel is uw voeding”